fbpx

De Snelste Manier Om Je Hormonen Compleet Te Ontregelen? Eet 6 Keer Per Dag.

De Snelste Manier Om Je Hormonen Compleet Te Ontregelen? Eet 6 Keer Per Dag.

(Dit artikel is geschreven door kPNI Therapeut Thomas D’havé en verscheen eerder op zijn LinkedIn blog.)

 

Vorige zondagavond zat ik nog een keertje voor de TV.

Op Vitaya speelde de eerste aflevering van de reeks ‘Doctor In The House’.

In die reeks worden de rollen voor een keer omgedraaid: in plaats van de zieken die op bezoek gaan bij de dokter, krijgen verschillende gezinnen een dokter thuis op bezoek. Voor een volledige maand. Jawel, een volledige maand 🙂

Plus, niet zomaar een dokter: hun nieuwe huisgenoot is de in het Verenigd Koninkrijk bekende Dr. Rangan Chatterjee.

Het meest interessante van dit alles? Zijn advies.

De mensen die hij bezoekt strijden vooral met chronische aandoeningen. Zo maken we in de eerste aflevering meteen kennis met een patiënt die aan diabetes type 2 lijdt. En wat doctor ‘in-house’ aanraadt, klinkt je misschien wel bekend in de oren als je een trouwe lezer van mijn artikels bent. (Dankjewel daarvoor, trouwens!)

Zijn advies is: aangepaste voeding (met een vermindering van koolhydraten), time restricted feeding, intermittent fasting (2 dagen nuchter), mindfulness, slaapadvies en bewegingsadvies.

Fantastisch.

Ik raad je aan om de reeks te googlen en te bekijken.

En toeval of niet, de week ervoor was ik ook gestart met het samengooien van interessante inzichten in een nieuw stuk. Het stuk dat je nu aan het lezen bent.

Want het belangrijkste pijnpunt dat Dr. Chatterjee terecht aanwijst is ook bij de gemiddelde Belg en Nederlander een probleem: wat we eten, hoeveel we eten en wanneer we eten.

Velen onder ons eten tot wel 6 keer per dag. Ontbijt, tussendoortje, lunch, tussendoortje, avondeten. En soms gooien we er nog een late night snack tegenaan.

Hoe komt dat? Onder andere doordat het ons is aangeleerd, aangeraden door afslankguru’s of geconditioneerd door reclame.

Goed, laat me maar meteen met de deur in huis vallen: 6 keer per dag eten leidt tot botproblemen, door uitputting van de botten, én spierblessures, door spierafbraak.

 

ONZE BOTTEN SPELEN EEN BELANGRIJKE ROL IN HET REGULEREN VAN ONZE BLOEDSUIKERSPIEGEL

Vooraleer ik je het proces hierachter verduidelijk, heb ik eerst twee korte vraagjes voor jou. Het antwoord dat je voor jezelf geeft mag je in je achterhoofd houden terwijl je het artikel verder leest.

Dit zijn de twee vragen:

  1. Valt het vaak voor dat je na een maaltijd het gevoel hebt dat je ‘volledig vol zit’, en je na zo’n 20 minuten toch zin hebt in iets zoets?
  2. Stel, je krijgt vanaf nu stante pede maar 2 maaltijden per dag meer. Zou je dat aankunnen, of denk je meteen: “Nee, ik heb om de paar uur een maaltijd nodig, om genoeg energie te hebben om overeind te kunnen blijven, of me te blijven concentreren”?

Klein tipje van de sluier: dit zijn al meteen signalen van een hormoonhuishouding die niet correct werkt.

Goed, laat ons even in de werking van ons lichaam duiken, zodat ik je kan verklaren waarom 6 keer per dag eten tot spier- en botproblemen leidt.

Het begint allemaal bij onze maaltijd.

Bijna onmiddellijk nadat we voeding opnemen, stijgen de glucose- en triglyceridenwaarden in ons bloed. De waarden van bloedsuiker en vetzuren, met andere woorden.

Die waarden pieken naar boven door de opgenomen voedingsstoffen.

Om de bloedsuikerspiegel opnieuw naar een normale waarde te krijgen en het evenwicht (homeostase) te herstellen, stelt onze pancreas het hormoon insuline vrij. Dat hormoon zorgt ervoor dat glucose uit het bloed gaat en opgenomen wordt in de spieren, lever en vetcellen.

Zoals bekend wordt glucose daar opgeslagen als brandstof voor het lichaam.

Evenwel minder bekend is dat ook onze botten deelnemen aan dit fysiologisch proces, waarbij insuline de hoofdrolspeler is… En dat is interessant om van dichtbij te bekijken.

Kijk naar de Osteoblasten. Osteoblasten zijn zowat de botbouwers van onze botten; het zijn de botopbouwende cellen van het botweefsel.

Deze botbouwers produceren het hormoon Osteocalcine, dat wordt geproduceerd in 2 vormen (1) :

  1. Gecarboxyleerd osteocalcine (carboxyleren betekent het toevoegen van een carboxylgroep aan een molecule)
  2. Gedecarboxyleerd osteocalcine (zonder carboxyl-groep)

Beide vormen hebben -zoals je misschien al kon raden- een tegengestelde werking: wanneer het bot gecarboxyleerd osteocalcine produceert, zijn de botcellen aan het werk om de botten sterker te maken; er vindt botaanmaak plaats.

De niet-gecarboxyleerde osteocalcine staat echter in dienst van het lichaam en de perifere organen; het stimuleert de productie van insuline en het reguleert (verbetert) de insuline-gevoeligheid (2), maar gaat gepaard met botafbraak.

Nu, beide vormen spelen hun rol, en ook al zorgt niet-gecarboxyleerde osteocalcine voor botafbraak; dit is helemaal geen probleem zolang gecarboxyleerd en gedecarboxyleerd osteocalcine ritmisch en afwisselend geproduceerd worden.

De nadruk, die ligt hier wel op: ‘ritmisch en afwisselend’.

Want zodra dit ritme verstoord wordt, moet ons lichaam aan de bak om de balans terug te brengen.

En je raadt het al; een belangrijke verstoorder van dat ritme is… de hele dag door eten.

Het resultaat daarvan is dat onze botten continu gedwongen worden om onze pancreas te ondersteunen, die op zijn beurt helpt om onze bloedsuikerspiegel in balans te houden.

Denk je nu bij jezelf: “Goh, maar dat valt toch goed mee bij mij, ik eet niet de hele dag door”, weet dan dat alles wat je eet buiten de 2-3 maaltijden die verstoring al in de hand werkt. (En vergis je niet, dat blikje frisdrank heeft ook een impact.)

Concreet fysiologisch gebeurt er dit:

De osteoblasten van onze botten moeten continu gedecarboxyleerd osteocalcine vrijstellen. Hierdoor:

  • wordt meer insuline vrijgesteld in de β-cellen van de pancreas, en
  • worden de cellen meer insuline-gevoelig,

zodat de aanwezige (overtollige) glucose uit de bloedbaan wordt gehaald en de homeostase hersteld.

(In deze context is het interessant op te merken dat 30% van de profvoetballers neigt naar een verstoorde bloedsuikerspiegel… (4)).

Héél vriendelijk van onze botten. Alleen… ze betalen er zelf een grote prijs voor.

Zoals ik hierboven vermelde wordt in dit proces bot afgebroken, waardoor we vatbaar worden voor verschillende problemen: ontstekingen aan onze pezen (zoals knie- en achillespees), scheenbeenvliesontstekingen en schaambeenontstekingen, en zelfs kraakbeenschade en arthrose.

Maar daar stopt het nog niet.

 

SLAPERIG NA DE MAALTIJD? GEEN GOED SIGNAAL…

Na elke maaltijd worden vetcellen geactiveerd door insuline, om glucose uit het bloed op te slaan. Ongeveer 30-60 minuten na de maaltijd stellen die geactiveerde vetcellen het hormoon leptine vrij.

Dat leptine wordt vervolgens via de bloedbaan naar de hersenen gestuurd. Leptine vertelt de hersenen dat je genoeg hebt gegeten. Hierdoor stop je (doorgaans) met eten.

Anderzijds geeft leptine dan ook toestemming aan de hersenen om actief te mogen worden.

Je begrijpt het dus correct: als leptine goed functioneert en de hersenen goed bereikt, worden we een halfuurtje na de maaltijd àctief. Logisch, want na een maaltijd is er voldoende energie beschikbaar.

In slaap vallen na een maaltijd, wat in onze maatschappij heel vaak gebeurt, is dus eigenlijk niét normaal. (Uit de literatuur kennen we dit fenomeen als de PPIR of de postprandial inflammatory response (5).)

De andere manier waarop leptine ons in beweging brengt, is door zijn functie als serotonine-remmer.

Serotonine zelf is een neurotransmitter die zorgt dat de sympaticus wordt afgeremd en we in rust komen (6). De sympaticus (één van de 2 regelsystemen in ons ‘onbewuste’ zenuwstelsel) is zowat het gaspedaal van het lichaam, en het systeem dat ons in beweging brengt: bij evolutionaire stressoren zoals honger of koude was het namelijk noodzakelijk om in beweging te komen.

Leptine remt serotonine in de hersenen, en ontketent zodoende de sympaticus, waardoor we in beweging worden gezet en we onze spieren gaan gebruiken.

Om er dan voor te zorgen dat onze spieren energie kunnen blijven opnemen, zullen onze botten gedecarboxyleerd osteocalcine vrijstellen en de insuline-gevoeligheid vergroten (8).

Ander onderzoek toont aan dat wanneer de sympaticus actief is, er geen botaanmaak kan plaatsvinden (7).

We moeten dus concluderen dat het vrijstellen van insuline en leptinen na een maaltijd, fysiologisch de stressassen activeert (beweging) wat gepaard gaat met botafbraak (9).

Is dit fysiologisch een probleem? Nee, dit is perfect normaal en ons lichaam weet perfect  hoe het hier correct mee om te gaan.

Tenzij… we elke dag vier, vijf, zes, zeven keer eten.

 

WANNEER JE REM OP JE VOEDINGSINNAME VERDWIJNT

Na elke maaltijd stijgt onze bloedsuikerspiegel.

Wanneer we dit nu voortdurend laten plaatsvinden door om de zoveel uur te eten, werken we hyperinsulinemie en insuline-resistentie in de hand. Onze botten zullen continu proberen dit te herstellen door de pancreas te ondersteunen in het produceren van insuline en de insuline-gevoeligheid te herstellen door gedecarboxyleerd osteocalcine te produceren in plaats van gecarboxyleerd osteocalcine in dienst van zichzelf. Resulterend in botafbraak.

En omdat onze vetcellen na elke maaltijd geactiveerd worden door insuline, produceren zij op hun beurt elke keer leptine. Deze hyperleptinemie leidt tot chronische inhibitie van tryptophaan-hydroxylase met serotonine-tekort in de hersenen, waardoor de stress-assen (sympaticus) chronisch actief blijven, in plaats van fysiologisch kortdurend.

We krijgen dus te maken met 2 situaties: resistentie van insuline en resistentie van leptine (waarbij deze hormonen hun receptor niet meer vinden).

Bovendien treedt er ook geen verzadiging meer op. De rem op de voedingsinname verdwijnt, en zes keer eten leidt zo al snel tot zeven keer eten, en zeven keer eten tot “ik moet iets eten om me te kunnen blijven concentreren”.

Heel de dag door eten leidt dus tot verlengde hyperleptinemie en insuline-resistentie: de botten worden gedwongen om deze toestand te blijven bufferen en het metabolisme te herstellen, maar ze krijgen de de fysiologie niet meer op de rails…

DE CIRKEL IS ROND: SPIERBLESSURES EN BOTBLESSURES

Waarmee we bij de uiteindelijke consequenties komen:

  • Spierafbraak: door de blijvende insuline-resistentie in de spieren kunnen deze geen energie meer opnemen wat leidt tot blessures, en
  • Botafbraak door uitputting en verwaarlozing van botten, wat aan de basis ligt van osteoporose, athrose, tendinitiden, etc.

Een belangrijke vraag die je je nu waarschijnlijk stelt, is hoe wij als kPNI therapeut kunnen inschatten of dit op jou van toepassing is, en vooral welke risico-indicatoren aanwijzen dat er wat mis is met het functioneren van de 2 cruciale hormonen insuline en leptine.

Herinner je nog de 2 vragen in het begin van dit stuk? Ik herhaal ze nog even voor jou:

  1. Valt het vaak voor dat je na een maaltijd het gevoel hebt dat je ‘volledig vol zit’, en je na zo’n 20 minuten toch zin hebt in iets zoets?
  2. Stel, je krijgt vanaf nu stante pede maar 2 maaltijden per dag meer. Zou je dat aankunnen, of denk je meteen: “Nee, ik heb om de paar uur een maaltijd nodig, om genoeg energie te hebben om overeind te kunnen blijven, of me te blijven concentreren”?

Heb je op de eerste vraag ‘Ja’ geantwoord, dan is er sprake van insuline-resistentie. En als je op de tweede vraag hebt geantwoord ‘Nee, ik kan absoluut geen maaltijd overslaan’, dan lijdt je aan leptine-resistentie.

 

MIJN ADVIES

De gezondheid van jouw botten en spieren heeft alles te maken met jouw levensstijl.

Om dat op te lossen zou het dus wel eens kunnen dat het antwoord opnieuw uit de evolutionaire geneeskunde komt. Dat antwoord is:

  1. intermittent fasting,
  2. nuchter bewegen, en
  3. een lage maaltijdfrequentie (gemiddeld 2 maaltijden/dag)

Bovenstaande adviezen zijn volledig congruent met de conclusie uit de recente studie ‘The Sedentary (r)evolution: Have we lost our metabolic flexibility?’ (Freese, 2017).

En het maakt me blij om te zien dat ik op een zender met een bereik als Vitaya, heb kunnen zien dat er aandacht komt voor een vernieuwende kijk op gezondheid, die eigenlijk terug keert naar de core van hoe ons lichaam werkt.

Het wordt tijd dat we met zijn allen collectief kunnen nadenken over het (opnieuw) introduceren van non-invasieve, goedkope maatregelen. Want iedereen in onze maatschappij verdient dat.

 

Bronnen en wetenschappelijke referenties in dit artikel:

  1. Bone: from a reservoir of minerals to a regulator of energy metabolism: Confavreux; Kidney Int.; 2011
  2. Regulation of glucose handling by skeleton: insights from mouse and human studies; Liu;  Am Diabetes Ass; 2016
  3. Bone as a regulator of glucose metabolism; Veldhuis; Neth J med; 2013
  4. www.kpnibelgium.com/dertig-procent-van-de-voetballers-lijdt-aan-prediabetes/
  5. Postprandial macrophage-derived IL-1β stimulates insulin, and both synergistically promote glucose disposal and inflammation: Dror; Nature Immunology; 2017
  6. Early Evidence of Low Bone Density and Decreased Serotonergic Synthesis in the Dorsal Raphe of a Tauopathy Model of Alzheimer’s Disease; Dengler-Crish; J Alzheimer Dis, 2017
  7. Skeletal parasympathetic innervation communicates central IL-1 signals regulating bone mass accrual; Bayayo; Proc Natl Acad Sci U S A.; 2012
  8. Carboxylated and uncarboxylated osteocalcin in metabolic complications of human obesity and prediabetes; Razny; Diabetes Metab Res; 2017
  9. The central regulation of bone mass, the first link between bone remodeling and energy metabolism; Karsenty; J Clin Endocrinol Metab; 2010
  10. The sedentary (r)evolution: Have we lost our metabolic flexibility?; Freese; 2017

 

 

Ontdek wat onze kPNI opleidingen voor jouw praktijk kunnen betekenen.

 



kPNIBelgium